nieuws&actualiteiten
PAN betrokken bij co-creatie sessie exoten voor de intregatie nieuwe wet natuur
Aanvullende gegevens eierzoeken maart 2010
De Oostvaardersplassen, natuurgebied of hongerkamp
Weer minder kieviteierenrapen in 2010
Het kievitseierenzoeken: een uitgevonden traditie
Aaisykje, van doemscenario naar doen-scenario
Kamervragen over het bericht dat It Fryske Gea een verbod wil op eierzoeken
Provincies falen in ganzen beleid (aanwijzingen worden door rechter afgeserveerd)
Kritiek van CDA op eierraapverbod van It Fryske Gea
Vogelwachtersbond BFVW reageert teleurgesteld Aaisiker niet meer welkom bij Fryske Gea
Mozaïekbeheer bewijst zijn waarde met name voor de kievit en scholekster
Eerste ontwerpbeheerplannen voor Natura-2000 worden begin 2010 vastgesteld
Stand van zaken plan van aanpak integratie natuurwetgeving , PAN opgenomen in de Klankbordgroep
Rapport functioneren Staatsbosbeheer evaluatiecommissie Staatsbosbeheer
Eendenkooi Warmond officieel overgedragen
LNV legt elf ontwerpbesluiten aanwijzing Natura 2000 ter inzage
Regelbrij rond aanwijzing Natura 2000-gebieden
Natura 2000 30 juni 2009
Tweede Kamerlid Jager hekelt opzet Natura 2000
Beantwoording Kamervragen bomenkap Drents Friese Wold
Van picknickplek tot ecoduct - Over mensenwensen voor natuur
Agenda jaarvergadering 2009 van de Friese Plattelands Alliantie.
Jaarverslag van de FPA over 2008
Verslag Jaarvergadering 2008 FPA
Kamervragen over de controle op het rapen van kievitseieren
Ministerie LNV geeft voor natuur illegale steun
Nieuw en eenvoudiger subsidiestelsel natuur en landschap Provincie Utrecht
Friezen mogen ook dit jaar(2009) weer kievitseieren rapen
Nieuw subsidiestelsel natuur- en landschapsbeheer
Milieuclubs oorzaak van het trage Natura 2000-beleid
Aaisykje door Sake Roodbergen
Europese Commissie akkoord met subsidieregeling natuurbeheer Europese
Advies Task Force Financiering Landschap Nederland: Landschap verdient beter!
Advies Taskforce verdroging
Nieuw subsidiestelsel voor Natuur en Landschap
Platteland is in trek bij Nederlandse bevolking
Nieuw Boek Vogelvangst in ambacht en wetenschap
Vogelwachters BFVW gaan geraapte kievitseieren registreren via NatuurNetwerk
 

Plattelands Alliantie Nederland (PAN)

200.000 leden in 2008

Inleiding en doelstelling

In april 2007 werd de Plattelands Alliantie Nederland (PAN) opgericht als samenwerkingsverband van organisaties die begaan zijn met en betrokken zijn bij het gebruik, de inrichting en de toekomst van de groene ruimte waarin de bevolking van Nederland leeft. Het verstandig gebruik van de groene ruimte staat voorop.
In de statuten is opgenomen dat de PAN de belangen van de leden zal behartigen die verband houden met de uitoefening en de voortzetting van een verstandig en duurzaam gebruik van de groene en blauwe ruimte met aandacht voor de instandhouding en verbetering van de natuurwaarden van deze ruimte. Zij wil dit verwezenlijken onder andere adequaat beheer en het ontwikkelen van beschermende maatregelen.
De PAN staat voor een verstandig en duurzaam gebruik van de natuur. Natuurbescherming is echter al te vaak verworden tot een middel, een bewust instrument, om mensen te bannen uit de natuur om daarmee elke vorm van beleving en verstandig gebruik (“wise use”) door de mens van de natuur, ook op het Nederlandse platteland te beperken dan wel onmogelijk te maken. De maatschappelijke opvattingen aangaande deze materie zijn zich aan het verengen zodat ethische beginselen en sentimenten prevaleren boven verstandelijke argumenten en wetenschappelijk onderbouwde stellingen. Het gevolg is dat er nogal eens richtlijnen worden uitgevaardigd en maatregelen genomen die mogelijkerwijze beantwoorden aan bepaalde maatschappelijke gevoelens, maar die objectief en deskundig bezien onverstandig zijn of zelfs contra-productief. Wij zijn van mening dat er steeds meer sprake is van onbenutte, grote kansen voor de onbetaalde natuurbescherming op basis van intieme beleving en onschuldig natuurgebruik.

Krachtenbundeling
De traditionele vormen van verstandig gebruik van de natuur en de natuurrecreatie waren in Nederland buiten Fryslân niet eerder overkoepelend georganiseerd. Toch is er sprake van een groot aantal gemeenschappelijke belangen. De afzonderlijke organisaties concentreren zich, begrijpelijk, in eerste instantie op hun eigen deelbelangen en blijven daarvoor ook de meest aangewezen partij. Het gevolg van dit afzonderlijke optreden is dat er per organisatie beperkingen worden opgelegd, alsmede verbodsbepalingen worden ingevoerd ten aanzien van het (mede-)gebruik, zonder dat het brede front van verstandige gebruikers van de natuur in Nederland zich hiertegen heeft kunnen verzetten.
Natuur- en recreatiegebieden worden schaars in Nederland. Respectvol wederzijds gebruik wordt daardoor steeds noodzakelijker om aan partijen in deze een toekomst te bieden. Zo kan bijv.  In en op terreinen voor openluchtrecreatie actief aan natuurontwikkeling worden gedaan en moet ook in natuurgebieden recreatief medegebruik mogelijk blijven. Het huidige natuurbeleid laat hier kansen onbenut.
In het Nederlandse en Europese overheidsbeleid dreigen bepaalde inhoud- en beeldbepalende functies, zoals akkerbouw, veeteelt, bosbouw, visserij, toerisme en “wise use”- activiteiten, zoals paardrijden, sportvissen,watersportactiviteiten, eierzoeken en jagen te worden beknot in hun uitvoering en ontwikkeling door de natuur en de intrinsieke waarde van de dieren, planten en insecten te verheffen tot de enige structuurbepalende maatgever. De intrinsieke waarde van de mens als genieter, gebruiker en beheerder van de natuur blijft zo stelselmatig onderbelicht. Daarnaast lijken ééndimensionale belangenverenigingen te streven naar het ideaal van een “natuurlijke leegte”. De PAN ondersteunt de plicht tot natuurbescherming, doch staat ook pal voor het recht op natuurbeleving en natuurgebruik door de mens.

Doelstellingen
In concreto zijn de doelstellingen dan ook de volgende:

  • Het bevorderen van een duurzaam en verstandig gebruik van de groene ruimte voor de land- en tuinbouw, de bosbouw, de jacht,  de visserij, het eierzoeken en beschermen van bodembroeders en voor andere natuurverbonden activiteiten die geen schade doen aan de flora en fauna. Deze opvatting houdt in dat er naast het gebruik van de natuur ook sprake moet zijn van ontwikkeling en bescherming om daarmee de duurzaamheid veilig te stellen.  De PAN gaat hierbij niet uit van de bescherming van individuele dieren, planten en insecten doch van de soorten en hun leefomgeving.
  • Het bevorderen van het gebruik van de groene ruimte door mensen die daarvan willen genieten en die een bijdrage willen leveren aan de instandhouding ervan.
  • Het verbeteren en vergroten van biotopen als dat voor de in standhouding van bepaalde soorten binnen de flora en fauna  vereist is. Daarbij staat voor agrarische gebieden de bedrijfsvoering van de boer als ondernemer voorop. Gegeven deze bedrijfsvoering en in goed overleg met de grondgebruiker kunnen maatregelen genomen worden die het voortbestaan van bepaalde soorten kunnen bevorderen. Zodra dergelijke maatregelen wel een ingrijpen in de bedrijfsvoering eisen, dient de overheid volledig tegemoet te komen in de kosten die deze maatregelen met zich meebrengen. Gedacht wordt hierbij bijv. aan perceelsrandenbeheer, het gebruik van strorijke mest, het toepassen van maaitrappen en het aanpassen van het waterpeil, het aanbrengen van heggen om de percelen. De agrarisch ondernemer dient voor dit natuurbeheer langjarige contracten te worden aangeboden, die opgenomen kunnen worden in de normale bedrijfsplanning.
  • Het reguleren van overmatige predatie door vliegende, zwemmende en bodemgebonden predatoren. De PAN wil bevorderen dat de eerste verantwoordelijkheid voor het beleid van deze regulering komt te liggen bij de Faunabeheereenheden en de bij hun aangesloten Wildbeheereenheden en niet direct bij de overheden. Het Faunabeleidsplan van de provincie dient te worden ontwikkeld op basis van de goedgekeurde Faunabeheerplannen. In de rapportage achteraf wordt aan de overheid verantwoording afgelegd over de verkregen resultaten. De extra bescherming die de vos en de kraaiachtigen hebben gekregen in de nieuwe Flora- en Faunawet (2002) is een voorbeeld van beleid dat gebaseerd was op onjuiste argumenten en sentimenten.
  • Het in overleg met de overheden (gemeenten, provincie, rijk en EU) bevorderen van maatregelen die aan de doelstellingen tegemoet komen, aanvallen op de PAN of de bij haar aangesloten provinciale allianties afwenden en bestrijden dan wel de dialoog aangaan met andersdenkenden. Voorkomen moet worden dat de zaken worden geregeld door gerechtelijke uitspraken.
  • Het bevorderen van het democratisch gehalte in de besluitvorming over de groene ruimte; plausibele argumenten dienen zwaarder wegen dan subjectieve sentimenten. Aldus onderbouwde besluiten zullen door de PAN of de bij haar aangesloten provinciale allianties (PA’s) worden gestimuleerd dan wel haar instemming krijgen.
  • Het bevorderen van veldwerkzaamheden die in het kader van de doelstellingen worden uitgevoerd. Daartoe behoren opleiding, nascholing en bijscholing van betrokkenen en educatie van derden, in het bijzonder van de jeugd. De laatstgenoemde groep is erg belangrijk. Hen dient al jong liefde, respect bij het juiste gebruik van de natuur te worden bijgebracht, zodat ze zullen uitgroeien tot waardevolle voorvechters van de doelstellingen van de PAN of bij haar aangesloten PA’s , ook als de stad hun woon- en werkterrein wordt. Deze activiteiten worden als regel door de participanten in de PA’s uitgevoerd.
  • Het gevraagd en ongevraagd adviseren aan overheden, instellingen en overige organisaties, die opereren in de groene ruimte uit de aard van hun activiteiten en derhalve hebben te rekenen met de impact daarvan op alles wat leeft en groeit in de groene en blauwe ruimte.

Toegevoegde waarde
Op deze wijze zal de PAN en de bij haar aangesloten PA’s de groene krachten bundelen en een breed gedragen signaalfunctie hebben richting overheden en publiek. Zij bedient zich daarbij van evenwichtige, op feiten gebaseerde voorlichting. De participanten verbinden zich met en verplichten zich tot elkaar via de alliantie en behouden daarnaast hun eigen bloedgroepgebonden verantwoordelijkheid. In bijzondere gevallen kunnen organisaties en instellingen ad hoc participeren in de PAN of bij de haar aangesloten PA’s
De organisatievorm van de Plattelands Alliantie Nederland is eenvoudig en gericht op slagvaardigheid. Iedere deelnemende PA levert één bestuurslid. Indien het aantal leden groter is dan 6 volgt de benoeming van een dagelijks bestuur, dat de agenda voor de bestuursvergaderingen voorbereidt. Iedere PA heeft evenveel rechten en plichten in het bestuur. De geldmiddelen worden per reglement geregeld.

De PAN bestaat uit de volgende participanten:

    • Fryske Plattelandsalliantie (FPA);
    • Limburgse Platteland Alliantie (LPA)
    • Utrechtse Platteland Alliantie (UPA)
    • Noord-Hollandse Platteland Alliantie (NHPA)
    • Drenthse Platteland Alliantie (DPA)

Bij de FPA zijn bijvoorbeeld aangesloten;

    • De Bond van Friese Vogelbeschermingswachten (BFVW)
    • Agrarische Jongeren  Fryslân (AJF)
    • Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging Friesland (KNJV)
    • Federatie Friesland van Sportvissersverenigingen  (FFvS)
    • Stichting Beheer Natuur en Landelijk Gebied (SBNL), organisatie voor particulier en agrarisch natuurbeheer. Regionale beheerscommissie
    • Nederlandse Vereniging voor Natuurtoezicht (NVvN)
    • Vereniging “Het Reewild”
    • Koninklijk Nederlandse Hippische Sportfederatie Friesland KNHS)
    • Nederlandse Organisatie voor Jacht en Grondbeheer (NOJG)
    • De Kooikersvereniging

  Mission Statement (1-4-2007)

De Plattelandsalliantie van Nederland (PAN) is een koepel van zelfstandige organisaties zonder onderscheid van politieke, religieuze of ethische overtuiging, die als gemeenschappelijke noemer hebben: de wens van het verstandig gebruiken (beleven en benutten) van en het zo goed mogelijk zorgen voor de groene ruimte en haar wateren.

Dat gebruik van de groene ruimte en haar wateren, kan zowel een economisch, een recreatief als een traditioneel karakter hebben.
 

De PAN is voorts van opvatting dat het zorgvuldig gebruiken en intensief beleven van het buitengebied leidt tot waarachtige betrokkenheid. Hét startpunt én fundament voor bescherming. Medegebruik van de gehele groene en blauwe ruimte behoort te worden gerealiseerd op een wijze waardoor een toegevoegde waarde voor de natuur zelf ontstaat. Dit zonder dat de historische rechten van de traditionele gebruikers worden beknot.
 

De doelen komen mede voort uit de opvatting dat bescherming van onze gezamenlijke natuur en ons milieu weliswaar eveneens een overheidsdoelstelling is, maar dat de inzet van betrokken en gemotiveerde burgers (belanghebbenden) en hun organisaties als draagvlak en klankbord daarbij niet gemist kan worden.
 

De uiteindelijke doelstelling is het zorgvuldig gebruik van, de duurzame instandhouding, de bescherming, het mede vorm geven en het creëren van een zo breed mogelijk draagvlak voor het gebruik van de natuur in Nederland, ook voor de toekomstige generaties.
 
De PAN wil daarom een betrouwbare partner zijn voor haar aangesloten organisaties, maar ook voor de politiek om haar doelstellingen te kunnen realiseren.

 ‘wat ús besielet, wat besielet ús
(Fries)

 

A Poem for our Mission Statement

 10-2-2007

The Keeper of the Countryside Grail

The keeper of the grail in spring walked in lapwing’s meadow
He walked into the light out of skyscraper’s shadow
A dozen eggs under his hat was the price on that misty day
The farmer smiled and waved and went his way

The keeper of the grail in summer walked along the waterside
He threw his rod with artificial fly with quite some pride
In his bag a brace of trout was the price on that sunny day
The farmer smiled and waved and went his way

The keeper of the grail in autumn harvested the grain
He looked at the fields now dry after the rain
In his barn he stacked his price on that cloudy day
At dusk when ducks and geese are on the way

The keeper of the grail in winter walked in the wood
With the hunter’s rifle where the deer stood
On his shoulder he carried the price on that snowy day
The farmer smiled and waved and went his way

Jo Hilgers

 
  Laatst gewijzigd op :13 May 2010