|
2 maart 2003
Een
jagersfeest in Parigi met honden en wilde zwijnen
of
Adu babi dengan anjing
Beste Peter, Toine, Servaas, Zweitse, Henk en Jaap,
Iwan de Verschrikkelijke woont naar Nederlandse begrippen
behoorlijk verschrikkelijk. Tussen oceaan en kokosnotenbomen
plantage in een klein bamboehuisje met daar omheen hutten,
hokken en afrasteringen met allerlei dieren, zoals geiten en
kippen, een varaan en zes honden die worden afgericht voor
de jacht. Voor de jacht op wilde zwijnen wel te verstaan.
En alleen maar aangestampte leem op de grond, behalve in het
huisje op verhoging waar ze slapen en koken. Groot houten
platvorm in de buitenlucht voor het huis onder een mooie
boom, zoals ik al eerder beschreef voor de huizen hier. En
hier en daar wat kapotte, gekleurde, afgedankte plastic
zakjes voor de decoratie op de grond.
Iwan heeft een leuke vrouw met twee kleine kinderen, maar er
loopt ook nog een derde jochie rond waarvan de moeder niet
bekend zou zijn. Familieleden komen af en aan en het was er
een drukte van belang vanmorgen toen ik arriveerde in de
Kijang met Pak Kishnu aan het stuur, over een modderpad met
veel hobbels en gaten, met veel plassen ook, want er valt af
en toe een flinke bui hier in deze tijd van het jaar.
Het is groen hier tussen de kokospalmen met daaronder veel
cassave, de kleine boomachtige broodvrucht en hier en daar
een groentetuintje met pinda's, boontjes en tomaten.
Prachtige pagoda planten met de grote rotsbruinrode
bloementrossen, veel bougainvillea's in verschillende
kleuren, misschien wel de meest verspreide sierplant ter
wereld, bananen natuurlijk, allerlei vruchtbomen. Het is een
gezellig zootje met veel jungle, maar zoals gezegd ronduit
verschrikkelijk in de ogen van een Nederlandse huisvrouw.
Vele gekleurde vlinders maken het geheel levendiger, vooral
voor mezelf, die zo geïnteresseerd is in kupu kupu en een
klein "witje" van de Pieridae met nogal wat geel en oranje
er in trok mijn speciale aandacht en heb ik waarschijnlijk
niet in mijn collectie.
SinSin was er met zijn vrienden uit Bandung, met een groene
Toyota Landrover, waar voorop een metalen kooi met een
geweldige pitbull terriër er in en achterop ook nog eens
twee van die aan de auto gelaste kooien met woeste honden.
Iwan en zijn maatjes brachten via het dak nog eens vier
honden in de achterbak van het groene Jagershonden Machien,
met wel een dozijn koplampen voor het donkere Junglewerk, en
weg waren me naar Parigi, naar het grote Jagersfeest, dat
enkele keren per jaar daar gehouden wordt, met name op Idul
Fitri, het Islamitische Nieuwjaar, maar ook in maart en
augustus.
Het werd een ware triomftocht over de weg van Pangandaran
naar Parigi. Bij het zien van het Grote Groene Gevaarte met
hond in kooi voorop, een stel jagers bovenop en honden
achterop, keken alle mensen om, lachten en zwaaiden en
wensten ons kennelijk veel geluk. Wist ik veel wat me te
wachten stond. Nou dat wist ik dus gauw genoeg, want net
buiten Parigi sloegen we een landweg in tussen de
rijstvelden, gingen enkele honderden meters omhoog de jungle
in en kwamen op een plek met veel lawaai en nog veel meer
mensen.
Een ding was me nu inmiddels wel duidelijk geworden: een
jager in Indonesië, speciaal een varkensjager, is een
volksheld en ik als de Witte Grootwildjager zou nu wel gauw
een Levende Legende worden.
Het hele dorp was leeggelopen, wat zeg ik hele dorpen waren
leeggelopen en er waren duizenden mensen op een grote open
plek in de jungle waar een heuse ronde bamboe arena was
gebouwd met een diameter van zo'n veertig meter en bamboe
schotten waar geen zwijn of hond doorheen zou kunnen. Op ca.
twee meter hoogte waren balkons in de rondte met bamboe
balustrades en een fantastisch uitzicht op het spektakel wat
ongetwijfeld komen zou.
Rondom de bamboe arena waren de gebruikelijke warungs waar
gegeten kon worden, overal werd tropisch fruit aangeboden,
speciaal de kleine lichee - ramboetanachtige vrucht - met
bruine schil waarvan Rene en ik de naam niet paraat hebben
nu, want het is iets anders dan de klengkeng van Yogya meen
ik. Ramboetans waren er ook in overvloed trouwens.
Een kwart van de cirkel buiten het bamboe bouwwerk was
gereserveerd voor aangelijnde honden, die voortdurend werden
binnen gebracht en aangevoerd. Aanvankelijk telde ik er zo'n
twintig, maar naarmate de ochtend vorderde waren er wel
vijftig. In het midden van de arena was een vierkante bamboe
kooi gebouwd die zeer solide leek en daar zouden twee wilde
zwijnen in zitten volgens Iwan, een kleintje en een grote.
Maar er waren er nog zeven in een hok onder de balustrade
precies tegenover het hondenkwartier aan de overkant ook,
van waar ik al gauw voor 7000 rupiahs een houten zitbank had
kunnen regelen. En bij die zeven zat een hele grote werd
gefluisterd.
Ik had proviand bij me, zoals gekookte eieren, boterhammen
met kaas, appels, peren en vruchtensap en nog heel wat
sinasappels ook. Heb ik allemaal gedeeld met het kleine grut
om me heen. Want het was een feest voor jong en oud. Het
krioelde er van de kleintjes zoals overal in Indonesië. Een
volksfeest dat de hele dag zou duren bleek inmiddels.
In de Ring, de Arena, bleken zo'n tien a twaalf stoere
kerels actief te zijn. Enkelen, niet met rode lappen voor de
stieren, maar met jute zakken voor de zwijnen. Want als die
beesten kwaad worden en dat worden ze onder de
omstandigheden die ik zal schetsen al gauw, dan vallen ze
ook de mensen aan en die stoere jongens - de meesten met
haren zo lang als bij een vrouw en in T shirts en vieze
halflange broeken gekleed (nee niet in het stemmige
jachtgroen waar de Nederlandse jager zich zo graag in
kleedt) - ontwijken dan op precies dezelfde manier als een
stierenvechter de stier ontwijkt.
Het eerste zwijntje van ca. 25 kilo werd losgelaten en begon
als een razende cirkeltjes te draaien langs de bamboe
schotten onder de balustrades. Een spreker hield de stemming
er in, middels een galmende microfoon. Geluidsoverlast is
een woord dat in Indonesie niet bestaat. Met wat "levende"
Javaanse muziek op de achtergrond was er veel sfeer en geen
enkel rustig moment dus. En bij iedere spannende episode van
de gevechten verhief de spreker des microfoons zijn stem en
bracht verslag uit van het gevecht. Ik dacht in het
Sundanees.
Het zwijntje - laten we hem voor het gemak Junior noemen -
liep zich eerst moe en vervolgens kwamen vier
hondenbezitters met hun honden door een klein vierkant luik,
vanuit het hondenkwartier, de arena binnen. De intocht der
gladiatoren met bungelende hond in de armen, daar leek het
op. Alle honden luidkeels blaffend en in opgewonden staat,
omhangen met vervaarlijke leren halsriemen met glimmende
knoppen en toestanden, toeters en bellen, zoals dat bij de
Hell's Angels in zwang is.
Tot vlak bij het varken en met een ophitsende kreet werden
de vier honden tegelijkertijd van verschillende kanten op
Junior afgestuurd, dat er vrijwel onmiddellijk een uitkoos
en met een kopzwaai het hondje buitelend de lucht in
stuurde. Foutje van het varken, want dat is te vermoeiend en
gevaarlijk, dan pakken de anderen van achteren. Het duurde
even voor het varken dit begrepen had en met de kont tegen
de bamboewal aan ging staan links en rechts met de kop
zwaaiend, een oorveeg verkopend als een blaffende hond te
dichtbij kwam. Kon weinig kwaad want tandjes had het diertje
nog nauwelijks.
Had een hond zich vastgebeten ging er een fluitje en
sprongen de helpers toe om zwijn en hond weer los te
krijgen. Als zo'n hond hangt, bijvoorbeeld aan het
bovenbeen, dan blijft hij hangen, dus dan is de lol er gauw
af. Afgelopen uit: eraf en weg. Training voorbij. Volgende
stel, iedere keer twee, drie of vier of soms wel eens vijf
of zes tegelijkertijd. En dat terwijl het zwijntje alsmaar
moeier werd natuurlijk.
Het trok al gauw naar de zoel die er was gemaakt, waarnaast
een grote ton met water stond, water dat dan met emmers
barmhartig over Junior werd uitgegooid om weer op krachten
te komen voor het volgende stel terriers, rothweilers,
pitbull terriërs (favoriete ras) en heuse pitbulls. Maar die
laatsten werden op dit moment nog niet ingezet. Die kwamen
pas later aan de beurt zei Iwan. En dat zwijn ging dus zo'n
half uur door de hel totdat het niet meer opstond en het
afgevoerd werd, nadat al wel twintig tot vijfentwintig
honden hun trainingsrondje hadden afgewerkt.
Sommige honden deden van ellende niet zozeer in de broek,
maar op de grond, ergens ver weg van het zwijn, tot grote
hilariteit van het publiek. Sommige honden waren te scheel
om te zien waar het zwijn zich ophield. Een afgang voor de
bezitters die de honden weer netjes uit de arena moesten
dragen als het fluitje was gegaan. En dat fluitje ging
steeds vlugger naarmate het zwijntje moeier werd, soms al na
enkele seconden want dan hing er al weer een.
Ja, pas op, beste weidelijke jagers in Nederland, dat brengt
geld in het laatje want iedere hondenbezitter moet voor
iedere hond wel mooi 10.000 rupiahs betalen, pak hem beet
een dikke euro, om mee te mogen doen. Om mee te mogen
trainen op de wilde varkens. Of er bij die eerste groep op
dat kleine beestje - onze arme Junior - al een hond met een
A diploma zat waag ik te betwijfelen: het waren duidelijk
beginners.
Het volgende varken was naar mijn voorzichtige schatting
eentje van vijfenveertig kilo en liet ook nog echt geen
hauwertjes zien. Een tweede kleiner varkentje kwam per abuis
ook los. Foutje, dus dat moest effe gevangen worden. Grote
hilariteit toen de zakkendragers met hun jute zakken
erachter aan gingen hollen en met zak en al zich over het
diertje probeerde te storten zonder enig resultaat. Gelukkig
verdween het diertje bij het rondrennen in de opening waar
het uit gekomen was en was dit probleem van twee varkens
tegelijkertijd weer snel opgelost.
Dat tweede varken was er een met achter op de rug kalende
witte ouderdomsplekken leek het wel. Staander, een ervaren
oud varken dat bij het binnenkomen van de honden gewoon op
een plek bleef staan precies tegenover waar ik zat en dan de
honden vakkundig van zich afhield. Het fluitje ging
meermaals, zonder dat er een hond zich had kunnen
vastbijten. Een soort patstelling. Ik dacht nog even
dat dit dier wegens keurige taktiek gespaard zou worden,
maar niks hoor.
Want bij de volgende series honden werd er een
binnengebracht die precies wist hoe hij dit varkentje moest
wassen, of liever moest vastpakken. Met grote snelheid kwam
de grote pitbull uit de armen van zijn meester en voor het
varken wist wat er aan de hand was hing de pitbull aan de
rechterpoot en was niet meer los te krijgen, terwijl de
andere honden ongenadig aan alle kanten beten en toehapten.
In dit geval ging het fluitje effe niet om Staander
enigszins te verzwakken voor de volgende ronde van nog te
trainen honden in opleiding voor het C diploma.
Want hoe meer rondes het varken op de been bleef en niet
voor pampus in de zoel bleef liggen, hoe meer honden er op
getraind konden worden, hoe harder de kassa rinkelde
nietwaar beste weidelijke jagers van Nederland. Tien rondjes
van vier honden per keer was mooi effe 400.000 rupiah. Tel
uit je winst van ca. vijftig euro.Het was regelrechte
business GVD.
Dus Staander ging ook ten onder en zelfs vlugger dan ik had
gedacht. Het eerste uur van het dolle festijn was om en een
derde zwijn van pakweg 55 kilo werd de arena in gebracht.
Springer, want dat dier sprong wel twee meter hoog tegen de
balustrade omhoog om weg te komen. Het had al de helft van
zijn energie verspeeld nog voor de eerste groep honden aan
de bak mocht.
Moest ook voortdurend rijkelijk met emmers water nat worden
gehouden in een later stadium, want het was een dol varken,
dat trouwens ook een van de stoere helpers in de Arena
pardoes omver liep. Had zijn jute zak niet goed gebruikt en
was er teveel achter blijven staan. Dat was lachen geblazen
natuurlijk en het moet gehoord zijn tot in Nederland. Het
toppunt van hilariteit - vooral voor de kleintjes - om je
door een wild zwijn van de sokken te laten lopen. Maar
ook Springer had maar een half uurtje van leven in die
varkenshel van Parigi.
En net toen het eentonig dreigde te worden werd een echt
groot varken binnengebracht. Pak hem beet vijfenzestig kilo
en zowaar met wat kleine hauwertjes van enkele centimeters.
Ja want ze riskeren hun prachtige honden toch echt niet aan
een Ever, een Keiler met heuse slagtanden. De hauwers worden
dan net zo lief verwijderd. Laf dus, maar ja, een hond kapot
is natuurlijk een enorme schadepost. Tel uit je verlies.
Hoe dan ook, dat grote varken - Hardloper - liep nog maar
even rond en daar kwam een echte hond de arena in. Een
gigantische pitbull met een verschrikkelijk woest uiterlijk.
Begon zo hard te rennen dat hij zichzelf over de kop liep,
wederom tot grote hilariteit natuurlijk van het volk. Een
enorme pitbull die kopjerollend, haasje over slaat van de
adrenaline, terwijl het varken hard zijn rondjes draaide.
Maar dat was maar even.Het zwijn draait zich om op het
moment dat de pitbull er praktisch is en slaat met een wilde
kopslag naar de hond die netjes ontwijkt en al een poot te
pakken heeft nog voor iemand ook maar heeft kunnen kikken.
Het tweetal draait als een razende tol door de arena, maar
die pitbull laat natuurlijk nooit meer los. Fluitje meneer,
wat zeg ik de fluitist hield niet meer op en floot of zijn
leven ervan afhing en ja hoor alle stoere helpers met alle
zandzakken storten zich op het geval met twee staarten aan
weerszijden en rollen ermee door het zand, totdat de houten
wig geplaatst kan worden in de bek van de hond en de vang
losgewrikt kan worden. Een zwaar karwei bij deze hond der
honden, de moeder aller pitbulls.
Als honden winnen is iedereen blij, als het varken aan de
winnende hand is houdt iedereen zich stil. Alleen ik ben
inwendig blij als het varken een hond goed te pakken krijgt.
Ik denk er anders over. Laat natuurlijk vooral niks merken.
Ik sta aan de kant van het zwijn natuurlijk, maar ga dat
niet van de daken schreeuwen hier. Waarom ik aan de kant van
het varken sta? Vraag niet waarom, want dat zal wel een
foutje zijn in mijn opvoeding, begrijp me wel, vanuit
Indonesisch standpunt bekeken natuurlijk. Zou het een
godsdienstige kwestie kunnen zijn?
De tweede gigantische pitbull hangt ook binnen de seconde
aan Hardloper en vreemd genoeg heeft het veel grotere zwijn
geen enkele kans tegen een van deze honden die natuurlijk
jarenlang op deze manier getraind zijn.
De rest van het verhaal is meer van hetzelfde en als de
negen dood zijn krijgt Iwan de Verschrikkelijke ze mee want
ze worden graag door de Chinezen gegeten. Het is goede
handel, zelfs in een land met voornamelijk Muslims die geen
wilde varkens eten omdat ze onrein zouden zijn. Ook bij mij
- of liever bij Kiki - komt er helaas geen wild zwijn in de
diepvries, al zeg ik nu honderd keer dat een coteletje van
een wild zwijntje het lekkerste vlees is dat ik ken. Ik zal
het vanaf nu in mijn leven met kreeft moeten doen (Rakimin
had er trouwens een van bijna twee kilo vandaag op de dag
van het Jagersfeest)
Wat denk je Zweitse, dit is toch een pracht verhaal voor De
Nederlandse Jager, nietwaar? Daar zijn die
jachtprietpraterijtjes vanuit Nederland toch niks bij, of
wel soms? Kan zelfs in het hondenkwartiertje van het blad
geplaatst worden? Onder de titel "Op het A diploma voor de
Zwijnhond van de Jungle".
Onder Soeharto waren deze praktijken verboden maar nu de
democratie min of meer hersteld is doet de politie weer een
oogje dicht en het jagersfeest voor het volk kan weer
gehouden worden.
Weidmann's Heil aus Indonesien: Adu babi dengan anjing,
|