Ook nu weer heeft een aanwijzing (Limburg) om
verwilderde boerenganzen te mogen doden bij de rechter geen
stand gehouden.
Alle provincies met een grauwe ganzen probleem
worstelen met het vraagstuk, hoe om te gaan met verwilderde
boeren ganzen en kruisingen met de authentieke wilde grauwe
gans.
Opvang- en foerageergebieden worden voor grauwe
ganzen ingericht en in toenemende mate leeg gevreten door
bastaardganzen die zich tussen de wilde ganzen bevinden. Deze
laatste gebruiken vaak, door het grotere postuur, nog meer
voedsel dan hun wilde soortgenoten.
Om schade te voorkomen mogen, met
ontheffing wel wilde grauwe ganzen worden gedood maar de eens zo
verfoeide en faunavervalsende onbeschermde bastaardgans geniet
de meest denkbare bescherming die er is. Dit beleid heeft als
gevolg dat het aandeel bastaard ganzen snel toeneemt, niet
alleen in aantal maar ook in aandeel van de groep grauw ganzen.
Nederland verteld aan ieder wie het maar horen
wil, "Nederland heeft een internationale verplichting om
overwinterende ganzen op te vangen" maar intussen groeit het
aandeel superbeschermde bastaardganzen, groeit het aandeel in de
schade en neemt de druk toe om nog meer, in het kader van de
schadebestrijding, authentieke wilde grauw ganzen (beschermde
inheemse diersoort) te doden.
Inderdaad, Nederland heeft
verplichtingen. Het biodiversiteit verdrag behoort na gekomen te
worden, de in de wet erkende belangen moeten beschermd kunnen
worden en de authentiek Europese populatie wilde grauwe ganzen
moeten duurzaam worden beheerd.
In plaats daarvan vervuild de
Europese populatie grauwe ganzen door kruising met verwilderde
gedomesticeerde ganzen en door kruising met andere ganzensoorten
in toenemende mate.
In Nederland komen inmiddels grote groepen ganzen
voor waar 20 tot meer dan 50% van de groep uit soepganzen
bestaat. En met het faunabeleid (waar uiteindelijk de minister
verantwoordelijk voor is) van Nederland zal dit aantal alleen
maar groeien. Uiteindelijk zal de grauwe gans (een beschermde
inheemse diersoort) door dit beleid verdwijnen en zal alleen nog
genetisch te achterhalen zijn als oorspronkelijke voorouder van
de bonte verzameling van soepganzen.
Kortom, Nederland komt zijn verplichtingen absoluut niet na.
De PAN vindt dat
voor de verwilderde boerenganzen en de kruisingen van de
authentieke wilde grauwe gans, duidelijk beleid dient
vastgesteld te worden door de minister van LNV, dit om
zich te kunnen houden aan de internationale afspraken over het
behoud van de biodiversiteit voor de grauwe gans.