VERSLAG BIJEENKOMST PAN 27 FEBR 2007 TE DEVENTER

Echt: 02 maart 2007

Brief:

U014.2007PAN

Hierbij doe ik u het verslag toekomen van de oprichtingsbijeenkomst van de Plattelandsalliantie Nederland (PAN), welke gehouden werd op maandag 27 februari 2007 te Deventer.

Op maandagmiddag 27 februari 2007 kwamen de navolgende organisaties, op initiatief van het voorlopig bestuur van de Plattelandsalliantie Nederland i.o bijeen in Deventer, om te komen tot een intentieverklaring om de Plattelandsalliantie Nederland te gaan oprichten.

Aanwezig waren:

-         De Heer Jan Eggens

VZ. Hengelsportfederatie Oost-Nederland

-         De Heer A.Bloot

Adjunct-Directeur De Sportvisserij Nederland en Hoofd Belangenbehartigingsgroep

-         De Heer P van Houten

Medeoprichter Plattelandsalliantie Noord-Holland

-         De Heer A Dijkhuis

Koninklijke Nederlandse Jagers Vereniging (KNJV)

-         De Heer A Pols

Medeoprichter Plattelandsalliantie Utrecht

-         De Heer A. Ramakers

Medeoprichter Plattelandsalliantie Limburg

-         De Heer R.Driezen

Voorzitter Nederlandse Organisatie voor Jacht en Grondbeheer (NOJG)

-         De Heer J van der Berg

Vertegenwoordiger namens de Fryske Plattelandsalliantie

-         De Heer H. Verhelst

KJNV Gelderland

-         De Heer P.Blauw

VZ. Stichting Beheer Natuur en Leefmilieu (SBNL)

-         De Heer R. v Elderen

Federatie Particulier Grondbezit (FPG)

-         De Heer S.v Baalen Blanken

LTO Noord-Holland

-         De Heer J.Hilgers

VZ. Plattelandsalliantie Nederland.i.o (PAN)

-         De Heer P.Croughs

Secretaris Plattelandsalliantie Nederland.i.o.

-         De Heer O. Wentges

Penningmeester plattelandsalliantie Nederland.i.o.

Opening:

De VZ Plattelandsalliantie Nederland. i.o,.Jo Hilgers opent de vergadering en heet een ieder van harte welkom op de eerste bijeenkomst om te komen tot de oprichting van de PAN.

Visie Voorzitter op het gebruik en de inrichting van de Natuur in Nederland.

Zijn visie is verwoord in het stukHet Groene Waas, over oernatuur, boerennatuur en stadsnatuur” dat in zijn geheel gepubliceerd is op de website van de PAN.

Het uitgangspunt van de huidige natuurontwikkelingsvisie is die van de zogenaamde “oernatuur” voor het nieuwe natuurlandschap, waarbij van nature de vergetatie bestaat uit een mozaïek van grote en kleine graslanden, struwelen, solitaire en groepsgewijs voorkomende bomen, met grote grazers erin. De belangrijkste proponent ervan is Frans Vera. Hij gelooft niet dat een aaneengesloten bos ooit de climax vegetatie was. De grote grazers hielden dat bos open.

De boerennatuur in optima forma, ook wel “het oude cultuurlandschap” genoemd, wat wij allen hebben gekend voor de grote ruilverkavelingen in ons land.

De inrichting van de huidige natuur moet gezien worden als een exponent van het verstedelijkingsproces. Onze hedendaagse grootindustriële “technotoop” kan volgens Kockelkoren gunstige condities bieden voor natuurexpressie en een acceptabele stadsnatuur.

De verarmde boerennatuur bestaat nu uit eindeloze lange stukken land met monoculturen, met rechte grenzen waar nu gigantische landbouw machines, het paard en boerenkar hebben vervangen. De boerennatuur uit de achttiende en negentiende eeuw met de hoogste biodiversiteit ooit – wellicht nog hoger dan van die van de  oorspronkelijke oernatuur van duizenden jaren geleden  – is er nauwelijks meer. De resten ervan worden beschermd door natuurbeherende instanties, ook buiten de EHS. Dit landschap is verdwenen binnen een halve eeuw.

Voor de eierzoeker, de visser, de jager, de ruiter blijft er niks meer over, ingeklemd tussen verstedelijking enerzijds en (on)toegankelijke natuur anderzijds. Ja in de natuur gebieden, mag een wandelaar wel komen,  maar een ruiter nauwelijks en iemand die van de paden af, een paddestoel plukt, bosbessen verzamelt, laat staan iemand die eieren zoekt, vist en jaagt wordt daar niet meer getolereerd. Een voorbeeld, terwijl in Duitsland vrijwel overal paddestoelen geplukt mogen worden – het zijn immers slechts de vruchten van een ondergronds mycelium dat daar niet onder lijdt – mag het in Nederland bijna nergens.

Daar begrijpt een boer, een visserman en een jager en mensen die willen oogsten uit de natuur helemaal niets van. Die mensen zijn alleen maar dom, lastig en van het intricate reilen en zeilen van de natuur hebben ze geen notie, volgens de moderne ecologen.

Wat een arrogantie overigens om te denken, dat de natuur zich laat leiden middels verbindingszones van de EHS. Daar had Westhoff al vanaf het begin zijn twijfels over “want vogels hebben deze niet nodig en insecten al helemaal niet, ook voor planten is het moeilijk om zich zo te verspreiden als de grondsamenstelling niet de juiste is” Deze EHS natuur is veel soortenrijker en biodiverser te maken, als het omringende boerenland ook beter voor de natuur ingericht werd met kleine landschapselementen, zoals; singels, struwelen, hagen, heggen, houtwallen, bosranden, natuurlijke bosjes, solitaire bomen, rietkragen, sloten en slootranden, poelen, fauna-akkers en – randen, meanderende beekjes met plas-dras gebieden, kranswieren en vlietende waterranonkels? Er zijn sinds de ruilverkavelingen meer dan 125.000 km van deze zgn. akkerranden verdwenen in Nederland.

Trouwens wat is er, maatschappelijk bezien, op tegen om de boer of een particuliere grondeigenaar, natuur te laten produceren als bedrijfsproduct? Wat is er op tegen om hem daar een bedrijfsmatig inkomen voor te betalen. Dan zal ook de grootschalige landbouw met zijn moderne landbouwmethoden, niet zo’n nadelige invloed hebben op de groene en natte natuur  zoals nu het geval is.

Het zal niet gebeuren, tenzij het evenwicht der machten in Nederland in de strijd om de natuur verschuift, tenzij er een nieuwe visie ontstaat ten faveure van de kleinschalige boerennatuur. Bijvoorbeeld die van ons bij de Plattelandsalliantie, genoemd: “Het Groene Waas boven en onder Water”, voor zestigduizend hectare van de twee miljoen modern productieland.

Secretaris PAN, Voordelen en plan van aanpak PAN;

Zoals u weet is dit initiatief  voor een plattelandsalliantie geboren in Engeland door het verbod op de vossenjacht en daarna overgenomen door de Fransen en de Belgen. In Nederland is dit initiatief overgenomen door de friezen, toen deze zagen dat er een nieuwe Flora- en faunawet kwam, met een verbod op het bejagen van de kraai en de vos en een verbod om kievitseieren te zoeken en rapen. Met name door de Bond van Friese Vogelbeschermingswachten, een club van meer als 25.000 vrijwilligers en de VZ van het Friese afdeling van de KNJV, waren hierin de initiatiefnemers.

Aanvankelijk mislukte het om met dit idee het land in te gaan, maar door de politieke werkelijkheid, door de opkomst van de Partij voor de Dieren en hun toetreden tot de Tweede Kamer, is er met name op het platteland grote onrust ontstaan.

Uiteindelijk echter bleek vanaf november 2006, dat er inmiddels enorm veel geestverwanten zijn in het land, die vinden dat het initiatief van de Fryske Plattelandsalliantie, landelijk navolging moet krijgen.

Dit initiatief, om tot een samenwerking te komen in één platform van organisaties door het oprichten van de Plattelandsalliantie Nederland, moet nu dan ook volgens ons volledig benut worden. Ook de oprichting van de provinciale plattelandsallianties is van groot belang om zodoende ook hier de kleinere organisaties die vooral provinciaal actief zijn, erbij te betrekken en te laten profiteren van de sterkte van de landelijke organisatie met haar aangesloten organisaties.

Als deze bundeling en optimalisering van de electorale krachten van de aangesloten organisaties, om in het land hun doelstellingen te kunnen verwezenlijken, gerealiseerd kan worden. Dan is dit een unieke kans in Nederland en mag dus volgens mij en hopelijk ook volgens u nooit verloren gaan.

Het belangrijkste is vooral, dat dit voor alle deelnemende organisaties en verenigingen alleen maar een win-win situatie oplevert. Maar ook heel belangrijk is het straks, dat de er maximaal samengewerkt dient te worden door vooral de deskundigen van de betrokken organisaties, door elkaars kennis aan te bieden, bij het doen van voorstellen of het adviseren van de provincialenallianties (PPA’s) en de overkoepelende organisatie (PAN) bij het doen van voorstellen of reageren op door de overheid of andere opgemaakte plannen .

De aangesloten organisaties behouden hun volledige zelfstandigheid en kunnen daarom alleen, indien zij dit nodig achten, gebruik maken van de PAN, om zodoende haar electorale kracht en kennis, hiermee ten volle benutten voor hun eigen doelstellingen.

Daarom vragen wij U om naar uw achterban en hun bestuur te gaan, het gedachtegoed van de Alliantie daar te bespreken en te pogen uw vereniging te winnen voor het doel, aansluiting en samenwerking binnen het platform van de PAN.

Wij hebben daarover graag uitsluitsel in april aanstaande, omdat we denken dat een ruime maand voldoende moet zijn om onze boodschap over het voetlicht te brengen. Eind april zal dan een defintief algemeen bestuur voor de PAN worden aangesteld, dat tenminste bestaat uit een afgevaardigde per provincie, plus vertegenwoordigers van de grotere landelijke organisaties. Intussen zal worden doorgegaan met het oprichten van de provinciale allianties, waarbij behalve Noord-Holland, inmiddels Flevoland, Limburg en Overijssel het verst gevorderd zijn en in de andere provincies al oprichters actief zijn. Het ligt in de bedoeling nog in dit jaar in iedere Provincie een volwaardige alliantie actief op de been te hebben.

We werken graag samen in de geest van ons “ het Mission statement” (dat u als bijlage bij dit verslag aantreft) en hebben veel respect voor iedereen, als naar ons geluisterd wordt.

Lezing “De Friese Plattelandsalliantie sinds 2002” door Han van der Berg, Vice-VZ FPA;

De Fryske Plattelandsalliantie is ontstaan door de voorbereiding van de Flora- en faunawet (FF-wet) Er werd in brief aan de toenmalige staatssecretaris Faber van LNV aandacht gevraagd voor een wise use van de natuur, waarbij oogsten uit de natuur niet op voorhand is uitgesloten en regulering noodzakelijk is, met name waar het predatoren als de vos en de kraaiachtigen betrof, dieren die onder de oude jachtwet vogelvrij waren maar desondanks goed gedijden. Verder werd er gepleit voor het rapen van kievitseieren en de sportvisserij als belangrijk middel om motivatie op te doen voor alles wat leeft.

Er werd tenslotte gepleit voor een vrijstellingenbeleid voor de vos en de kraaiachtigen, het bevorderen van het zoeken, rapen en beschermen van kievitseieren, het rekening houden met de mens en zijn behoefte aan recreatie en het luisteren naar argumenten en niet naar sentimenten waar het ging om het behoud van de natuur. In november 2002 passeerde de acte van oprichting van de FPA te Gytsjerk en was deze opgericht. Hierna volgde ook een brief aan de heer Veerman, minister van LNV, waarin de oprichting van de FPA wordt gemeld.

Brief aan de provinciale besturen n.a.v vragen die in de provincie Utrecht zijn gesteld door de heer Witteman (SP) over het feit dat jongeren beneden 16 jaar eigenlijk niet mogen sportvissen. Wij benadrukken dat de sportvissers een uitstekende jeugdopleiding hebben waardoor een verstandige benadering van de gevangen vis gewaarborgd is.

Pogingen om in andere provincies tot oprichting van allianties te komen. Dit is nu door Dr Jo Hilgers opgepakt en daarom zijn wij gelukkig met dit gezelschap hier bijeen. Alle andere wapenfeiten staan op de website van de Plattelandsalliantie Nederland.

Heel belangrijk vond hij dat de organisatie een goede PR functie dient te hebben naar zowel de lokale-, de provinciale- als de landelijke politiek.

Na zijn uiteenzetting bood hij de voorzitter een boek aan dat door zijn eigen vader was geschreven, de voorzitter bood hem als echte Limburger, daarom een echte Limburgse kersenvlaai aan.

Lezing P. van Houten, Oprichter NHPA “De start van de plattelandsalliantie van Noord-Holland”

Nog geen twee weken voor kerst en in nog minder tijd in N-H om de tafel? Ja, door gewoon de organisaties af te bellen die reeds in de FPA vertegenwoordigd waren. Opmerkelijk, voor mij was het “gemak” van de verschillende partijen, om in te gaan op de uitnodiging en aan te sluiten bij het gedachtegoed van de Friezen.”

De grootste gemene delers wil ik hier noemen.

  • Gemeenschappelijk uitgangspunt zoals de Friezen hebben vormgegeven.

  • Gewapende zijn tegen “verdeel en heers” tactieken. (weg met Calimero).

  • Gezamenlijk meer kunnen betekenen. Partijen staan niet meer alleen als het om hun levenswijze en het beleven van het buitengebied gaat.

  • Uitwisselen van kennis en ervaring. Steun zoeken bij elkaar.

  • De allergrootste, maar als doelstelling toen onbeschreven, het vormen van een “groot electoraal blok

Daarnaast, en dat bleek gaande de weken verstreken, ontstond het besef dat de betekenis van de PA veel meer kan worden dan een gemeenschappelijk belangenbehartiging.

Men realiseert zich dat met het groeien van de PA een “volksbeweging” ontstaat die de inwoners van Nederland weer met twee benen op de grond kan plaatsen.

De PA is een antwoord op:

  • Weg met die stinkboeren, ze maaien alle nesten uit en alle jonge vogels dood.

  •  Weg met die visser en zijn leefnet vol vis.

  • Weg met die knollen die het fietspad onder schijten terwijl ik voor mijn hond belasting moet betalen.

  • Weg met die plezierjagers die het “beheren” als smoes gebruiken om te knallen..

  •  Lang leve de eendenkooi, weg met het kooikerambacht

  •  Weg met uw hondenclub en uw trainingavondje. Ga uit “mijn” bos!

  • Weg met uw bijenkast en de natuurmanipulatie. Imkers beconcurreren wilde bijenpopulaties etc.

Dit terrein is alleen toegankelijk voor wandelaars! En desgevraagd:Nee hoor wij halen die koeien niet weg van het wandelpad. U kunt er makkelijk langs met uw kinderwagen. Die beestjes doen niets ze gaan wel opzij!

Het gaat niet om het indienen van wensen die door politieke druk moeten worden afgeperst. Het gaat om goed onderbouwde en gemotiveerde voorstellen waar een brede draagkracht voor bestaat.

Politici die dit gedachtegoed willen ondersteunen zullen op de PA moeten kunnen terugvallen. Om het politieke debat te kunnen winnen en dus tegenstand te kunnen pareren moet, indien nodig parate inhoudelijke en sterke argumenten worden aangedragen.

“De visie van Hendrik Jan van Beuningen na een kwart eeuw” door Dhr. P. Blauw, Voorzitter SBNL

Dhr. Blauw gaf een korte uiteenzetting over het ontstaan van de SBNL en haar doelstellingen.

Hij onderstreepte de visie Project ‘Particulier natuurbeheer. Particulier natuurbeheer is één van de manieren waarop de overheid de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) wil realiseren. De EHS betaat uit een aaneengesloten netwerk van natuurgebieden. Deze EHS moet in 2018 klaar zijn. Met dit project wil het ministerie van LNV met name particulier grondeigenaren informeren over de mogelijkheden van natuurontwikkeling.

SBNL is de projectleider van dit tweejarig project en voert het uit samen met Alterra, IPC Groene Ruimte, Federatie Particulier Grondbezit en Peterink & Partners.

Samenwerking Vanellus vanellus en SBNL. Op 3 september 2005, heeft SBNL een samenwerkingsovereenkomst aangegaan met de Vereniging van weidevogelbeheerders Vanellus vanellus De visie hiervan is dat je mag oogsten uit de natuur, zolang je er maar goed voor zorgt. De samenwerking beoogt het weidevogelbeheer (zoeken, mogelijk rapen en nesten beschermen,als ook gegevens verzamelen) op een hoger professioneel niveau te tillen.

SBNL bestrijdt ook het beeld dat particulieren niet in staat zouden zijn op deskundige manier natuur te beheren én te ontwikkelen, zij vindt juist dat de ontwikkeling van de zgn “ boerennatuur” wel toekomst perspectief heeft.

De heer P. Blauw gaf aan dat ook de paardensport aan de Plattelandsalliantie Nederland dient deel te nemen met haar groot aantal leden. Hij beloofde hiervoor de nodige contacten te leggen.

KNJV  jurist Mr. A. Dijkhuis,”De ontwikkeling van jacht na de Flora- en Faunawet van 2002”

Dhr. Dijkhuis gaf in een korte uitzetting wie de KNJV was en waaruit de organisatie bestaat. Vooral door de samenwerking met de WBE’s is er een landelijk netwerk ontstaan van zo’n 340 verenigingen, dus een hoge organisatiegraad, die het gehele land bedekt.

De KNJV is ook zeer geïnteresseerd in de nieuwe landelijke- en provinciale plattelandsallianties. Hij belooft ook om hetgeen hij vandaag ervaren heeft “de wil tot samenwerking” over te brengen naar zijn bestuur.

De Sportvisserij Nederland  Adjunct-Directeur en Hoofd Belangenbehartigingsgroep de Heer Fred Bloot,` Van gescheiden verleden naar gemeenschappelijke toekomst`.

Hij benadrukt dat de Sportvisserij groot is geworden door vooral een partner te zijn voor de politiek en andere organisaties en geeft dit aan met de navolgende statements;

  • *                   Samenwerking en partnerschap;

  • *                   Wat vertegenwoordigen wij?

  • *                   Koepelorganisaties;

  • *                   Miljoen aangesloten leden;

  • *                   Miljard euro in sociaal-economische waarde;

  • *                   Wat doe wij in feite;

  • *                   Wij vertellen u dat wij bestaan

  • *                   Wij slepen u er aan de haren bij

  • *                   Wij beïnvloeden u

  • *                   Wij doen leuke dingen met u

  • *                   Wij koesteren u en zijn betrokken

  • *                   Wij brengen u op ideeën

  • *                   Wij werken met u samen

  • *                   Ons doel:

  • *                   Een vitaal platteland met een veerkrachtige natuur, welke vele vormen van gebruik en recreatie toestaat

  • *                   Onze werkwijze;

  • *                   Samenwerken en debatteren met:

  •  Natuurorganisaties

  •  Recreatiesector

  • Nationale en regionale overheid

  • Politiek

  • Water- en natuurbeheerders

  • *                   Ons Werkterrein Wetgeving en Beleid

  • *                   Ruimtelijke Ordening

  • *                   Kaderrichtlijn Water

  • *                   Natura 2000

  • *                   Vitaal Platteland

  • *                   Onze Speerpunten

  • *                   Zorgvuldig Gebruik van de Natuur

  • *                   Natuurbeleving

  • *                   Draagvlak voor Natuur

  • *                   Mede vormgeven Natuur

  • *                   Ons Werkterrein Internationaal

  • *                   Onze Zusterorganisaties,

  • *                   Europees Parlement

  • *                   Europese Commissie

  • *                   Plattelandsalliantie een partner die U wat biedt

Hij belooft een brief te schrijven aan het hoofdbestuur om hetgeen vandaag besproken is, voor te leggen, voor evt. deelname aan de Plattelandsalliantie.

Er zal daarom een nieuwe bijeenkomst gepland worden medio april

Sluiting met dankwoord  door de Voorzitter  

Namens de Plattelandsalliantie

De secretaris,

P.H.J.Croughs

Bijlage:

-         Mission Statement Plattelandsalliantie Nederland.

 

PlattelandsalliantieNederland (PAN)

 ‘mission statement’

 

De Plattelandsalliantie van Nederland (PAN) is een koepel van zelfstandige organisaties zonder onderscheid van politieke, religieuze of ethische overtuiging, die als gemeenschappelijke noemer hebben: de wens van het verstandig gebruiken (beleven en benutten) van en het zo goed mogelijk zorgen voor de groene ruimte en haar wateren.

Dat gebruik van de groene ruimte en haar wateren, kan zowel een economisch, een recreatief als een traditioneel karakter hebben.

De PAN is voorts van opvatting dat het zorgvuldig gebruiken en intensief beleven van het buitengebied leidt tot waarachtige betrokkenheid. Hét startpunt én fundament voor bescherming. Medegebruik van de gehele groene en blauwe ruimte behoort te worden gerealiseerd op een wijze waardoor een toegevoegde waarde voor de natuur zelf ontstaat. Dit zonder dat de historische rechten van de traditionele gebruikers worden beknot.

De doelen komen mede voort uit de opvatting dat bescherming van onze gezamenlijke natuur en ons milieu weliswaar eveneens een overheidsdoelstelling is, maar dat de inzet van betrokken en gemotiveerde burgers (belanghebbenden) en hun organisaties als draagvlak en klankbord daarbij niet gemist kan worden.

De uiteindelijke doelstelling is het zorgvuldig gebruik van, de duurzame instandhouding, de bescherming, het mede vorm geven en het creëren van een zo breed mogelijk draagvlak voor het gebruik van de natuur in Nederland, ook voor de toekomstige generaties.

De PAN wil daarom een betrouwbare partner zijn voor haar aangesloten organisaties, maar ook voor de politiek om haar doelstellingen te kunnen realiseren

 ‘wat ús besielet, wat besielet ús’

(Fries

F